Wij maken gebruik van cookies om de diensten en functies op onze website aan te kunnen bieden en om de gebruikerservaring te kunnen verbeteren. Begrepen Privacy Statement

Meer over...

Prijs: € 16.95 inclusief btw
Verzendkosten: € 2.95 binnen Nederland
Levertijd: 3 werkdag(en)
Bestellen...

Een ander verhaal

door Kerstin Huygelen [Persoonlijke ontwikkeling en spiritualiteit, Romans en verhalenbundels]

Een trein staat stil in het Italiaanse landschap, maar niet in de tijd. Zita Zeldenrust zit samen met vele andere reizigers uren gevangen in de hitte en de besloten ruimte. Zo zijn ze noodgedwongen lotgenoten.

Wanneer de gebeurtenissen niet verlopen zoals verwacht, worden mensen weer zichzelf, doordat de situatie hun omhulsel afbrokkelt. Hun aura van manager, minister, huisvrouw, woordvoerder, arbeider, student, beroemdheid, kunstenaar, dief, wetenschapper, ambtenaar, zaakvoerder, werkloze of sportvrouw van het jaar… ze worden weer gewoon "mens".

Omdat ze niet kunnen vluchten, beginnen ze te vertellen. Ze praten om de tijd te doden, maar vooral omdat ze nood hebben aan verhalen. Allen een ander verhaal dat ze niemand eerder vertelden. Omdat het te intiem is of te gruwelijk en te pijnlijk of gewoon uit angst dat er toch niemand zou luisteren.

De reizigers geven onvervaard hun visie op de wereld en vinden op de trein een luisterend oor. Op overtuigende wijze verweeft Kerstin Huygelen in dit boek belangrijke thema's als het feminisme en gevolgen ervan, opvoeding, ecologie en cultuurverschillen. Meng u in de discussies en gesprekken en verwonder u over deze bijzondere narratieve analyse van onze tijd.

ISBN: 9789059740846
 
Formaat: 140x210 millimeter (b x h)
Omvang: 272 pagina's
Verschenen: 10 januari 2006


Bestellen...

Wat vonden anderen ervan?

UVV INFO 2007 nr. 5, prof. dr. Willem Elias (Vrije Universiteit Brussel).
BOEKBESPREKING Een ander verhaal, of een narratieve analyse van onze tijd prof. dr. Willem Elias Actualiteit SEPTEMBER-OKTOBER 2007 DIT BOEK VERDIENT EEN BESPREKING DOOR EEN VROUW, MAAR IK KAN HET NIET LATEN OM ZELF IETS TE SCHRIJVEN ALS MAN. HET IS EEN BOEK DAT DOOR ELKE VRIJZINNIGE HUMANIST VAN WELKE SEKSUELE GEAARDHEID OOK ZOU MOETEN GELEZEN WORDEN, EEN TEKST VOL STELLIGE MENINGEN WAARIN TOCH GEEN STELLING GENOMEN WORDT. ALLES BLIJFT OPEN, OOK HET GESLOTENE. Het is een feministisch boek. De structuralisten werd ooit verweten van antihumanisten te zijn. Dat is ook zo, zij doorbraken het klassieke humanistische wereldbeeld waarin de Mens de plaats van God heeft ingenomen. In een ruimer natuurbeeld decentraliseerden ze de mens. Ze deden dit om de mens te redden. Ze zijn dus de theoretici van een nieuw-humanisme. Veel meer ecologisch georiënteerd. Deze filosofen schreven gemiddeld meer dan tien boeken over de mens en dit uit bekommernis. Zo ook haalt dit boek zwaar uit tegen het klassieke feminisme vanuit een nieuw-feministisch uitgangspunt. De boodschap luidt: mensen wat je ook doet, zorg voor je kinderen, geef hen liefde en vriendschap, de rest doet er niet toe. Niet het statuut van vader of moeder is belangrijk, al dan niet met biologische oorsprong, de bereidheid tot het geven van de onmisbare aandacht telt. De auteur heeft filosofie gestudeerd aan de Vrije Universiteit Brussel. Ik verwachtte een literair debuut, een eerste roman, maar dat is het niet. Het is een filosofische essay in dialoogvorm geschreven. Niet à la Plato die zijn Socrates op het einde van de rit gelijk laat halen, maar open gesprekken die alle kanten uit kunnen. Kerstin Huygelen is een discipel van wijlen Leopold Flam, de zowel mis- als onvolprezen filosofiehoogleraar van de Vrije Universiteit Brussel, tussen midden zestig en midden tachtig van vorige eeuw. Het boek sluit zeer goed aan bij zijn denkwijze. Het is geen flamistisch boek in de zin dat het zijn gedachtegang volgt. Het is een boek met eigen gedachten, geschreven in zijn geest. En zijn geest was een vrije geest, het uitgangspunt dat eenieder zonder dogma's over het leven na te denken had. En dat doet de auteur ook. Ik verwachtte een biografisch verhaal, maar het bleek geen verhaal te zijn. Maar biografisch zou het wel kunnen zijn. Wie in de colofon leest: "Dit verhaal is volledig aan de fantasie van de schrijver ontsproten en elke gelijkenis met werkelijk bestaande personen berust op toeval" weet genoeg. Hier wil men processen vermijden of op zijn minst nog op een feestje uitgenodigd worden door de familie, vrienden, of de ouders van de vriendjes van de kinderen. Iedereen krijgt het te verduren. Elkeen herkent zich wel ergens. Maar vermits dat zinnetje er staat, kan niemand er iets tegen inbrengen. Toch is de misnoegdheid tegen de liefdeloosheid van onze hedendaagse wereld en dus tegen diegenen die haar verpersoonlijken vrij totaal. Het is een boek waar men niet vrolijk van wordt. Het stemt wel tot nadenken, wat de grote verdienste van het boek is. Het verhaal dat geen verhaal is, verloopt als volgt. Door een elektriciteitspanne valt een trein te midden van een Italiaans landschap stil. Er komt geen informatie over hoe lang de onderbreking zal duren. Dit accident is de aanleiding voor vele passagiers, hoofdzakelijk vrouwen van alle leeftijden en verschillende sociale achtergrond, om beklijvende gesprekken te houden. Eerst over zichzelf, nadien over levensverhalen die ze meegemaakt of gehoord hebben van mensen die hen nauw aan het hart liggen. Tussendoor mag ook eens een man zijn zeg doen, maar ze zitten op een vrij matriarchale trein. Mocht het wel een verhaal zijn dan zou het vrij onwaarschijnlijk zijn. Vermits ook onze nationale boosdoener ter sprake komt zitten we duidelijk in het post- Dutroux-tijdperk. De kans dat -zelfs in Italië- niet binnen de kortste tijd bussen de treinreizigers komen verlossen is klein. Via gsm zullen de conduc- teurs wel op de hoogt gebracht zijn enz. De stilgevallen trein is dus een metafoor. De stilgevallen trein als beeldspraak voor onze maatschappij. Of voor ons leven? Geen vooruit of geen achteruit, vooral ook geen opzij. De sporen zijn bepaald. De gesprekken zijn fictief, dat wil ik graag geloven. Toch vertegenwoordigen ze personages die zelf voor een bepaald soort ideologie staan. Men zou er een typologie kunnen van maken. Maar juist de vermenging van deze verschillende meningen maakt van het boek een open structuur waarin alles kan gezegd worden. Mocht de auteur als filosoof enkel haar eigen visie over dit onderwerp in een pleidooi gegoten hebben, had dit weinig impact gehad. Het zoveelste feministische traktaat, weliswaar via kritiek op het oude feminisme. En dat is maar goed ook. Daardoor wordt het boek iets wat weinig gebeurt, namelijk een breuk met de indeling in goed of kwaad. Uiteraard is de boodschap: meer liefde voor elkaar, zeker voor de infantes, de onmondigen en doe gewoon, leef eenvoudig buiten de wereldse schijn. Zij breekt met het hebben van één standpunt dat goed is en dat vecht tegen één dat dus per se slecht is. Wel wetende dat slecht en goed elkaars gelijke zijn. Hierdoor beklemtoont ze de relativiteit die, hoewel ze sinds de val van het ijzeren gordijn zeer duidelijk is, te weinig gezien wordt. Links en rechts kunnen wisselend conservatief en progressief zijn. Het zijn geen vaste gegevens. Een ideologie die overwint wordt gevaarlijk. Huygelen ontsnapt hieraan door wat ze haar "narratieve analyse" noemt, "over onze tijd". En inderdaad er wordt over alles gesproken. Ik bespaar u hier een opsomming. Daarvoor moet men het boek zelf lezen. Alle aspecten van het dagelijks leven komen aan bod, alles wat mensen aan mensen kunnen aandoen, generaties lang. Inderdaad de menselijke relaties vormen het hoofdthema, naast leven en dood, ziekte en ongeval. Een boek voor iedereen dus. Het boek leest als een trein. Het is vlot geschreven met een mooi taalgebruik. Geen literaire technieken, maar duidelijke taal met een filosofisch inslag. Toch ligt het soms wat zwaar op de hand. De miserie is groot in de wereld, dat weet ik ook. Maar in dit boek is er toch wel veel tezamen gebracht. De miserie is geen privéterrein van de klaagzang. Door het negatieve van het leven en vooral door de negatieve kijk op het negatieve wordt het boek soms wat zwaar op de hand. De ganse wereld van de humor behandelt en hekelt dezelfde thema's, maar dat is aan de auteur niet besteed. Het vlijmscherpe mes van de ironie weet ze niet te bespelen. De lach is een onbekend domein. Dat is de enige kritiek die ik op het boek aan te merken heb. Hier moet ik terug naar de aanvangszin. Misschien heb ik als man de vrouwenhumor niet begrepen. Dat weet ik dan ook weer. Het moet gelezen worden door feministen, leraars moraal, lekenconsulenten, agogen en anderen die met die onderwerpen begaan zijn, om als aanleiding te gebruiken om binnen vormingscursussen de discussie verder te zetten. Niet tegenstaande de vrouwelijke overbevolking op de trein is de kans toch groot dat ik de trein zou verlaten hebben, met wat maten, op zoek naar een Italiaans dorp en een terrasje voor een kruikje frisse witte wijn. Waarom hangt dat noodhamertje daar anders?

Lode Frederix
Kerstin Huygelen heeft een unconvenient book geschreven: Een ander verhaal, of een narratieve ana!Jse van onze tfjd. Een genadeloos ander verhaal van onze tijd. De schrijfster stelt onze tijd voor via monologen en gesprekken van een hele reeks reizigers die op een trein naar Italië plots vastzitten: de tein is ergens te velde gestopt, de wereld is plots stilgevallen, hij gaat niet meer 'vooruit'. De tongen komen los. En het gaat er soms hevig aan toe. Geen blad wordt voor de mond gehouden. Mensen luchten hun hart, spreken over zichzelf, spreken hun levensgevoel uit, spreken over anderen, hoe ermee om te gaan, hoe er vooral niet mee om te gaan,enz. Er wordt harde taal gesproken, geen zweem van verdoken 'Het komt allemaal wel goed'-mentaliteit. Hard, onverbiddelijk, choquerend... zoals pijn, frustraties, verzuchtingen en (voor)oordelen nu eenmaal zijn. Alles moet eruit, nu of nooit. En er komt veel etter uit de zweren!

Maar véél van wat gezegd wordt, is zonder meer waar. Zeker niet alles van wat verteld wordt, zijn slechts simplistische vooroordelen, integendeel. Veel zal door menig lezer aangevoeld worden als waar, zinvol of trefzeker geformuleerd, maar hij zal het waarschijnlijk aanvoelen zoals iemand die een fout begaat en er niet voor terugschrikt die fout te herhalen én te verdedigen, maar tegelijk wel degelijk beseft een fout te hebben begaan. Deze ongemakkelijke dubbelzinnigheid ondergaat de lezer ongetwijfeld bij het lezen van veel van de verhalen. Hij wordt dan onzeker en wil verder lezen om te weten te komen wat nu 'eigenlijk' gezegd wil zijn.

Een aandachtige en gevoelige lezer, een lezer die zijn ogen op de wereld gericht houdt en vooral, een lezer die de fijngevoeligheid bezit om de zelfrelativeringen van de verhalen en vooroordelen te doorzien, die lezer weet al héél snel hoe het 'eigenlijk' zit, wat de schrijfster 'eigenlijk' wil zeggen. Ze maakt het duidelijk genoeg: de mens is zichzelf verloren, zichzelf én de ander. In zijn zucht naar het eigen Ik vergeet hij zichzelf en de ander. Dit is het centrale thema van het hele boek: wij zijn vervallen tot een banaal egoïsme waarin geen plaats meer is voor de ander, waarin geen tijd meer is voor de ander, waarin geen gevoelens meer zijn voor de ander - en voor zichzelf in de constructieve zin van het woord. Elke gebondenheid wordt opgeheven, terwijl we elkaar nodig hebben, omdat we op elkaar aangewezen zijn, willens nillens. De ontbinding 'begint' in alle opzichten bij het verlies van een oprechte liefde, dus wil tot zot;g en inspanning voor het (zelfs eigen) kind, en eindigt in een zover doorgedreven hebzuchtig egoïsme dat de wereld zelf, de natuur (maar ook de stad), eraan moet geloven. En de mensen weten het! Velen vertellen het. De gewone mens op de trein weet het ons te vertellen, soms hard, soms misschien té hard en te bevooroordeeld, zoals mensen nu eenmaal zijn, maar ifj weten wel dat er heel wat niet klopt in onze wereld. En ze willen het nu eindelijk wel eens vertellen.

Het boek is hard, maar het hardste van het boek zijn zeker niet de ware en bewust bedenkelijke (voor)oordelen, de schrijnende verhalen en portretten die worden geschilderd, maar hard, hard om dragen is net de zachtheid en diepmenselijke verzuchting die héél het boek doorademt en die de (voor)oordelen, verhalen en portretten zo onverbiddellijk absurd maken. Het zou, met een beetje goede wil, allemaal zoveel beter kunnen zijn, géén paradijs, want we blijven mensen, maar in ieder geval beter dan het nu is, zolang we maar onze menselijkheid, onze gevoeligheid niet zouden opofferen op het altaar van lege, onzinnig ideeën en valse idealen, of zelfs zonder enige vorm van idee of ideaal. Het boek is véél poëtischer, vééllyrischer én constructiever dan een snelle, veel te snelle lectuur van mensen die zich bij het lezen snel ongemakkelijk en aangevallen zullen voelen, kan doen vermoeden. Het boek is allerminst naïef, maar veeleer door en door menselijk, in een zin die we waarschijnlijk al bijna helemaal kwijt zijn: in de zin waarin mensen van vlees en bloed hun gevoelens en angsten willen uitdrukken, omdat ze beseffen dat zij als mensen niet meer ernstig genomen worden. Ze willen de kans grijpen om eindelijk eens te spreken, omdat ze voelen dat ze in het gewone routineuze leven niet meer aan bod komen, niet meer kunnen spreken, omdat ze aanvoelen dat ze verplicht worden om alsmaar meer te zwijgen en mee te draaien in de grote molen van de 'vooruitgang'. Ze voelen aan dat dit niet langer kan, dat dit een onrecht en een dwaasheid is die dreigt zich catatrofaal uit te werken.

Het boek is niet vrolijk, want het is óók een virulent protest tegen schijnbare evidenties en verworvenheden, en daarom zo belangrijk: het laat mensen aan het woord omdat zij zo scherp aanvoelen dat onze tijd zijn doel voorbijgeschoten is. Dit moesten zij zeggen. Zoals het boek zelf geschreven móést worden... om dingen te zeggen waaraan we niet meer mogen voorbijgaan, waarvan we ons voortdurend bewust moeten zijn, willen we tenminste mensen blijven onder en vooral samen met andere mensen, in een leefbare wereld voor iedereen. Een moedig boek, en unconvenient!
05.11.06